Biografie

 

Bart De Clercq / WIKIPEDIA

Dat ik momenteel aan wielrennen doe, zal waarschijnlijk geen verrassing meer zijn wanneer je deze site bezoekt. Maar hoe mijn eerdere levensjaren verlopen zijn, is misschien nog niet voor iedereen gekend, daarom kort even een biografie.

Nu 26 jaar geleden werd ik te Zottegem geboren. Als kind waren rondcrossen met de go-cart, fietstochtjes maken met de ouders en buiten spelen mijn favoriete bezigheden. Spelender wijze begon het stilaan duidelijk te worden dat duursporten me goed lagen. Zonder echte training begon ik in de middelbare school tijdens de interscholencrossen keer op keer medailles te halen.

Dit bracht me ertoe me op 15-jarige leeftijd aan te sluiten bij de Atletiekclub van Zottegem. Ook hier haalde ik meer dan behoorlijke resultaten met verschillende medailles in het veldlopen en joggings op de weg. De grote frustratie bij het lopen echter, was mijn blessuregevoeligheid. Vooral mijn scheenbeen bleek mijn tere plek te zijn. Talloze keren geblesseerd uitvallen en terugkomen deden mij op 18-jarige leeftijd beslissen het atletiek noodgedwongen vaarwel te zeggen.

Vanaf nu zou ik me dan wat meer beginnen toeleggen op mijn oude liefde, het fietsen. Meteen competitief aantreden deed ik echter niet door de tegenstand van thuis uit (“koersen is veel te gevaarlijk”). Ik reed wel een 3-tal jaar bij een wielertoeristenclub, waarin het koersgevoel tijdens elke zondagrit toch wel wat naar boven kwam. In 2007 werd ik 2de in “Het kampioenschap van Zottegem voor wielertoeristen”.

Seizoen 2008

Een jaar later kon ik in dezelfde wedstrijd revanche nemen en won ik makkelijk. Zelfs thuis konden ze me nu niet meer tegenhouden om te koersen en ik nam een vergunning bij de nevenbond VWF. Ik zou er uiteindelijk slechts 5 wedstrijden betwisten (waarbij 1x winst en nog 2x podium), want in juli 2008 zou ik de overstap wagen naar de beloften.

Mede op aandringen van Peter Franceus (clubtrainer bij Onder Ons Parike) nam ik dus een zomervergunning bij Wielerbond Vlaanderen en sloot ik me aan bij “Wielerclub Onder Ons Parike “. Op 6 juli kende ik mijn debuut bij de grote jongens: in mijn eerste beloftenwedstrijd te Rozebeke won ik verrassend genoeg, na in de laatste ronde iedereen te hebben afgeschud. Na slechts 5 kermiskoersen bij de beloften gereden te hebben, zou ik al afzakken naar de 5-daagse Ronde van Namen. Hoewel 0.0 ervaring en nog nooit 5dagen na elkaar gekoerst te hebben (zelfs geen 2 na elkaar), reed ik vrij makkelijk uit en eindigde zelfs mooi 39 e in het eindklassement.

Op 24 augustus 2008 stond vervolgens een wedstrijd op het programma die alweer heel wat veranderingen in mijn nog jonge wielercarrière teweeg zou brengen. Op het BK in La Roche eindigde ik als compleet onbekende, temidden de Belgische toppers, op de 8ste plaats. Een onverhoopt resultaat, waardoor ook het grote publiek me stilaan begon te kennen. Via dit resultaat kreeg ik ook de kans me bij het Davo-Lotto-Davitamon team, onder leiding van Kurt Van de Wouwer aan te sluiten.

Seizoen 2009

Het was echter nog een grote stap in het onzekere, want het zou pas mijn 1ste volledige seizoen worden en ook wat betreft de wedstrijden was alles nieuw voor me.

Het seizoen startte meteen hoopgevend; bij mijn 1ste wedstrijd van het seizoen (oefenkoers in Strijpen), mocht ik al meteen mijn armen in de lucht steken. De eerste echte wedstrijden van het seizoen waren ook behoorlijk goed, al zat het geluk niet altijd mee (val, gebroken zadel). Nu moet het wel gezegd dat het klassieke voorjaarswerk niet meteen mijn specialiteit is (of zal worden). Nog enigszins een rem op de prestaties was dat ik in april niet optimaal kon trainen wegens wat problemen aan de rechterknie. Echte hoogvliegers in uitslagen bleven vooralsnog uit, hoewel een 5de plaats in een interclubwedstrijd in Trognée en een 4de plaats in de topcompetitiewedstrijd “Circuit de Wallonie” best wel konden tellen als prestatie.

Het zou pas vanaf juli zijn dat ik volledig op dreef kwam. Ondertussen had ik in juni mijn studies volledig beëindigd, dus kon ik me 100% op de koers toeleggen. In de Ardense Pijl en de Omloop het Nieuwsblad, kort na mijn examens, kwam ik nog net wat tekort om met de besten te kunnen wedijveren. In een 5-daagse wedstrijd in Spaans Baskenland scherpte ik mijn conditie verder aan (ginds al 15de in het eindklassement), en van dan af volgden de uitstekende prestaties elkaar snel op. Vooral in de rittenwedstrijden voelde ik me in mijn sas. Zodra het bergop ging, was ik nadrukkelijk voorin de wedstrijd terug te vinden. Resultaat: 2e in eindklassement Ronde van Luik / ritwinst + puntentrui + 5e eindklassement Ronde van Namen / 5e eindklassement in sterk bezette GP Tell. “En passant” won ik ook nog 2 kermiskoersen en kon ik mee de finale kleuren tussen de profs in Geraardsbergen.

Seizoen 2010

Nu de studies beëindigd waren, besliste ik om nog niet meteen te gaan werken maar om in 2010 eens 1 jaar alles op het koersen te zetten. Lukte het om de stap naar de profs te zetten … Super! Lukte het niet, dan kon ik op een mooi diploma terugvallen.

2010 werd een seizoen met toch wel wat up’s en down’s. Vooral de eerste 2 maanden waren vrij rampzalig. Na een uitstekende winter te hebben doorgemaakt, startte ik vol vertrouwen aan het seizoen, maar het liep de eerste wedstrijden voor geen meter. Na een grondige medische controle bleek de verklaring te liggen in een paar te lage bloedwaarden. Na een paar weken rustiger aan te doen verbeterde het gevoel op de fiets terug stilaan. In de eerste rit van het ‘Circuit des Ardennes’ ging ik echter zwaar onderuit en kwam keihard op de rug terecht. Een ‘ingedeukte tussenwervelschijf’ was het verdict, waardoor van training, laat staan van competitie, verschillende weken geen sprake was.

Na hard te werken aan de terugkeer kon ik eind mei met een mooie 7de plaats in het eindklassement van de ‘Vuelta a Navarra’ een 1ste mooi resultaat neerzetten. Hierna ging het ook in Oostenrijk goed en aanvankelijk ook in de ‘Tour des Pays de Savoie’ in de Franse Alpen. Een 3de plaats in de eerste bergrit gaf uitzicht op een heel mooi eindklassement, ware het niet dat ik in de daarop volgende rit volledig onderkoelde (bij 3 °C en regen) en daardoor veel tijd verloor. De laatste rit herpakte ik me echter: ik ging van bij de start in de aanval, kwam uiteindelijk nog als 4de over de finish op La Toussuire, mocht de bergtrui mee huiswaarts nemen en werd uiteindelijk toch nog 14de in het algemene klassement.

De conditie was ondertussen dik in orde. Ik was goed op weg de ‘Ronde van Luik’ te gaan winnen, maar de nacht voor de slotrit werd ik ziek en moest op de slotdag de race na amper 50km, met veel pijn in het hart, verlaten. Het buikgriepje had toch een kleine weerslag op de conditie, want in de ‘Ronde van Namen’ liep het net iets minder goed dan gewenst.

Maar hierna kwam ik terug op niveau om een zwaar programma aan het seizoenseinde tot een goed eind te brengen. Na een goed BK, waarin enkel het resultaat wat tegenviel (18de), wachtten mij 14 koersdagen op 15 dagen. Eerst 6 dagen in de Frans-Italiaanse Alpen, waar ik 5de eindigde in het eindklassement van de ‘Giro d’Aosta’, dan met 1 reis-/rustdag meteen over naar de 8-dagen durende ‘Ronde van Slovakije’. Ondanks mijn voorgaand Italiaans avontuur, verteerde ik deze wedstrijd nog vrij goed en eindigde zelfs nog 14de in het eindklassement.

Blijkbaar waren de benen nog niet uitgeblust aan het seizoenseinde (in tegendeel), want ik kon in september nog de ‘Tour de Moselle’ als eindwinnaar afsluiten. Na ontelbare ereplaatsen dan toch eens die verlossende hoofdvogel. En uiteindelijk kon ik ook mijn laatste wedstrijd in de Elite zonder contract/beloften-reeks afsluiten met een overwinning in het West-Vlaamse Deerlijk.

2 jaar opoffering, hard werken en regelmatig presteren heeft er uiteindelijk toe geleid dat ik een plaatsje in het profpeloton heb kunnen verwerven. Uiteraard zal ik deze unieke kans met beide handen aangrijpen om zo hopelijk een duurzame profcarrière te kunnen uitbouwen…

Seizoen 2011

Het werd dus een nieuwe stap in het onbekende en het zou afwachten worden hoe ik de overgang naar het hoogste niveau zou verteren. Ondanks hard en uiterst gemotiveerd trainen was het de 1ste wedstrijden toch wel even schrikken over hoe hard bij momenten gereden werd. Het was afzien, maar ik werd toch ook zeker niet “naar huis gereden”, dus we bleven doorzetten. Ondanks nog een vervelende blessure aan de achillespees leidde al het werken en doorzetten op 13 mei totaal overwacht al tot een onwaarschijnlijk hoogtepunt, namelijk ritwinst in de Giro. Wie had dat ooit durven denken, 3 maand koersen tussen de profs en meteen al zo’n prijs afschieten. Dat alleen al maakte 2011 meer dan geslaagd en verzachtte de pijn en frustratie toch enigszins na een zware val in de Ronde van Polen begin augustus waardoor ik lange tijd buiten strijd was. Met behoorlijk wat moeite raakte ik aan het eind van het seizoen toch opnieuw goed in conditie, wat nog resulteerde in een 15de plaats in het eindklassement van de Ronde van Peking.

Het 1ste seizoen als “prof” vloog voorbij ondanks ook wat tegenslagen mag ik zeker niet klagen over de manier waarop ik mijn profcarrière startte. Hopelijk kunnen we jaartje na jaartje nog wat vooruitgang boeken…